dag 1 Amsterdam - Los Angeles (zaterdag 7-augustus 2004)
Vertrek van Amsterdam naar Los Angeles. Na aankomst transfer naar het luxe airport hotel. Na het opfrissen, nemen we wat praktische zaken door onder het genot van een welkomstdrankje.
Zaterdag 7 augustus
Ons Ma bracht mij naar de trein (07.30) in bergen op zoom die naar Schiphol gaat om 08.07 komt om 09.47 komt de trein op schiphol aan.
Jules Sijpkens (11.00) stelt zich daar voor bij de balie van U. Airlines. Hij zal de volgwagen besturen. Harry Veelenturf heeft een ongeluk gehad.
Een paar andere motorrijders stellen zich voor. We gaan vlot door de douane mijn wordt gevraagd of ik de tas zelf heb in gepakt er niemand anders is aan geweest .
Vlucht UA 947 naar Washington is saai. Films op kleine schermpjes die wel te zien maar niet te verstaan zijn. Je kunt op het scherm MAP bijhouden hoe ver de vlucht gevorderd is en waar we ons bevinden. Als we boven Groenland vliegen zijn de gletsjers van 11 kilometer hoogte goed te zien, trouwens een onherbergzaam land.
In Washington is de ontvangst chaotisch, we staan 5 kwartier in een rij om onze bagage in het volgende vliegtuig te krijgen. Mensen raken in paniek omdat ze hun vlucht gaan missen, het personeel dat daarover wordt aangesproken, reageert ongeïnteresseerd.
Aan het eind van de harmonica rij staat een lange, autoritaire grijze man met krulsnor mensen een douane poortje toe te wijzen.
Hier vragen ze of ik bij de Bikersgroep hoor.
Wachtend op de vlucht verder zie ik een tasje met Yerseke er op staan .Ik vraag, kennen jullie alle motorrijders daar? ? Ja, zeggen Ad & Margreet die kennen ook Bram Bos dit is een Collega van mijn dus de wereld is klein,
Vier en een half uur later komen we in LA aan. Jos van de Port staat ons daar op te wachten. We gaan met een busje naar het Furama hotel.
De kamers worden verdeeld. Peter Groen en ik zullen een kamer delen,6 uur geslapen om 05.00 LA-tijd klaar wakker.
dag 2 Los Angeles - Ensenada (210 mijl) (zondag 8-augustus 2004)
Vroeg opstaan voor het ophalen van de motoren; na de formaliteiten en een eerste briefing zo snel mogelijk LA uit. We drinken koffie in Laguna Beach, daarna verder langs de kust naar San Diego. Bij Tijuana steken wij de grens met Mexico over. Eerst langs de kust, daarna rijden we de bergen in tot ons einddoel van deze dag.
Zondag 8 augustus
Voordat we met de volgwagen naar de loods gaan om de motoren op te halen vertelt Jos wat algemene dingen. Ook dat hij 1 dag mee zal gaan daarna moet hij naar Amsterdam omdat het slecht met zijn moeder gaat.
Nadat de motoren zijn gecontroleerd op schade gaan we op pad naar Ensenada.
Monique die wel mee wil maar geen motor bestuurt zit bij Jos achterop.
Ik krijg een Nieuwe Motor mee met 4 mile er op de teller
We rijden bijna alleen highway. De mensen reageren wel leuk op zo’n grote groep motoren zwaaien en toeteren.
We pauzeren bij een strandtent in Laguna Beach (LA).Mooi daar voor al het uitzicht.
Dan over de Pacific Highway langs San Diego naar de Mexicaanse grens. Het is daar meteen een chaos, arme mensen rioollucht en bouwvallen.
Arme mensen langs de weg en kinderen in laadbakken van pick-up trucks. Een oude weg naar Ensenada door de bergen van Baja California, een schitterende route. De weg gaat langs de randen van de afgrond, vangrails kennen ze hier niet. Het echte werk.
We hebben een mooie kamer in het Corona Hotel. ’s Avonds met een groepje de stad in daar nog in een bar geweest met, paal danseresjes die nog wel heel erg jong zijn (<16?)
Mijn kamer genoot was vroeg naar bed gegaan
dag 3 Ensenada - Calexico (165 mijl) (ma-9augustus 2004)
Na een stevig ontbijt rijden we landinwaarts en na ca. 70 mijl, door bergachtig landschap, bereiken we Tecate, waar wij stoppen voor de lunch. We gaan de grens over en na een prachtige bergweg komen we in Calexico.
Maandag 9 augustus
Om 5.30 wakker. Waarschijnlijk door het gestuiter op de Mexicaanse wegen gisteren.
Jos is naar huis en Peter zal verder reisleider zijn. Ook de monteur Dan zal zich bij ons voegen.
We volgen een slechte weg naar Tecate, overal veel armoede. We staan in een lange rij om de grens met Mexico over te gaan. Over de heuvels kun je een groot hek met toren zien om de Mexicanen buiten te houden. We gaan door de Yuma-desert naar Calexico.
Het is heel heet 47°. Henny heeft het niet meer en gaat bij Jules in de volgauto; hij heeft airco. Mijn trui is met lange mouwen want gisteren in een t-shirt was ik zo verbrand dat ik deze ook niet uit kan. Bij een tankstation heb ik het even niet meer. Water over mijn hoofd en een halve liter water gedronken en in weer verder.
Calexico is puur Mexicaans. Peter regelt drank voor bij het zwembad. Ook daar is het heet, ook door de lucht van de airco’s die eroverheen blazen. De hele stad zindert van de hitte, ’s nachts ook. De hotel kamer heeft airco maar die kan het niet aan.
’s-Avonds eten we bij de Chinees die aan Hollie’s vastzit. Leuke enthousiaste meisjes die bedienen. Het eten is erg goed.
dag 4 Calexico - Prescott (265 mijl) (di-10-augustus 2004)
De eerste mijlen agrarisch landschap, dan de woestijn in, naar Blythe, waar we Californië achter ons laten en Arizona binnenrijden. Het einddoel van deze dag is Prescott, dat we na een prachtige bergrit bereiken.
Dinsdag 10 augustus
Het ontbijt is bij de prijs inbegrepen. Het ontbijt wordt geserveerd in de ruimte die gisteren Chinees was maar nu restaurant is. Een mooie señorita bedient ons. We worden vriendelijk toegesproken door een oude Chinees. Henny krijgt gratis drinken omdat ze vrijdag jarig is.
Om 8.00 starten we omdat dit volgens Peter de langste en zwaarste dag wordt. Het belooft tevens de heetste dag van het seizoen te worden in Calexico en omgeving. Veel drinken dus.
Harry vraagt om Kodakmomentjes, hij wil meer kleine stops als de omgeving daarom vraagt. ( hier ook zijn bijnaam gekregen Harry Kodak )
Eerst weer de Yuma-woestijn. Een eindeloze woestenij met af en toe een nederzetting, oud roest, trailer parks en verlaten hutten. We gaan richting Blythe. Dan een stuk met onafzienbare akkers, dan weer woestijn. We stoppen bij net na de grens met Arizona. Een groot aantal mensen zet de helm af en doet de bandana’s op. Wat foto van cactussen gemaakt.
Bij een tankstation voegt Danny zich bij ons. We wachten 5 minuten zodat hij iets kan eten; hij heeft 4 uur op de motor gereden om vanuit Los Angeles bij ons te komen. Henny gaat bij Jules in de auto.
Bij een roadside cafe vertellen ze dat het verderop extremely hot is. Er zit zich daar in de koelte een racefietser uit Washington te bedenken waar hij begonnen is. Volgens mij durft hij niet verder meer. Stoppen lijkt me verstandig want er volgen nog tientallen kilometers hitte zonder schaduw.
Weer op weg wordt Monique ook wat slapjes ik geef haar een liter fles koel water; ze knapt weer wat op. Na zo’n 210 mijl het einde van de woestenij.
We rijden de bergen en het onweer tegemoet. Intussen zijn we de volgwagen kwijt geraakt. Bij een afslag heeft hij ons niet gevolgd.
Danny die zich in de loop van de morgen bij ons heeft gevoegd gaat hem zoeken. We gaan verder op een schitterende bergweg, bocht na bocht met goed en schoon asfalt.
We komen in Prescott aan, een vriendelijk bergstadje, heel veel grote nieuwe Pick-ups met vooral V-8 motoren erin. We zullen bij Motel 6 overnachten.
Volgens Peter zal de volgwagen om 23.00 aankomen. Ze hebben 2 klapbanden gehad, maar Danny is erbij.
Om 23.15 zegt Peter zegt dat hij naar bed gaat en dat we hem maar moeten roepen als er wat is. Paul en ik, en ik geloof Boudewijn, blijven bij Jan wachten tot ze terugkomen. Jan is ongerust Henny is immers bij Jules en zoveel vertrouwen hebben we op dat moment niet in hem. We hebben geen contact; de Gsm’s hebben hier geen bereik. Er kan in het donker op de bergweg van 30 a 40 km. van alles gebeurd zijn. Er rijdt een politieauto het terrein op, maar gelukkig niet voor ons.
En dan om 00.20 komt Jules aan. Henny moet even haar spanning kwijt en we zijn blij dat er niets gebeurd is. We horen dan dat Jules een klapband heeft gekregen, hem heeft vervangen en dat daarna de andere band is geklapt. Met een vriendelijk Mexicaans echtpaar dat eigenlijk naar een bruiloft moet, bij slopers naar een 2e band is gaan zoeken. Zij hebben ook naar Peter gebeld. Henny is in haar eentje bij de aanhangwagen gebleven hopend dat er maar niemand bij haar stopt.
Dat Danny hen uiteindelijk heeft gevonden, maar onwel wordt, van zijn motor stapt en gestrekt gaat en aan het infuus van een ambulance wordt gelegd. Het bleek dat hij de halve nacht aan een motor had gewerkt, slecht had ontbeten en te weinig heeft gedronken.
dag 5 Prescott - Flagstaff (100 mijl) (wo-11-augustus 2004)
Eerst naar Jerome, een oud goudzoekerplaatsje met een uniek museum. Daarna naar Sedona, gelegen tussen de beroemde Red Rocks en dan door naar Flagstaff, de laatste grote plaats voor de Grand Canyon.
Woensdag 11 augustus
Vandaag naar Flagstaff wat op route 66 ligt. Tijdens het ontbijt vertelt Danny me dat
hij ooit al eerder uitgedroogd is geweest met motorracen in de woestijn; hij wist precies wat er aan de hand was. Hij heeft een speciale zak voor op zijn rug ( Camelback )zodat hij constant kan lebberen. Alleen had hij die niet omgedaan. Druk, druk, druk.
Voor het eerst gebakken aardappelen met stevig gekruide nasi voor ontbijt.
We wachten tot de volgwagen terug is. Peter en Jules hebben er nieuwe banden op laten zetten reserve band. De wielkappen zijn nog ontzet en Danny probeert ze te fatsoeneren.
Het eerste deel van de route voert langs heel afwisselende rotsformaties van het National Forest rond Prescott. Dan gaan we al snel het volgende National Forest in Verde Valley. We komen in Jerome en oud mijnstadje. Behalve goud vooral bekend van de United Verde Coppermine, gesloten in 1953., waarna het stadje leegliep en de reputatie van ghost town kreeg. In de 60-er jaren hebben zich veel kunstenaars hier gevestigd. Dan zorgt ervoor dat we naar het ghost town museum gaan die aan de buitenkant van Jerome ligt. We worden daar ontvangen door Don, die oud-monteur is en allerlei oude machines aan de gang houdt, waaronder Big Bertha, een oud aggregaat uit de kopermijn, een stoommachine om bomen te zagen, een oude vrachtwagen met supercharger en veel meer oude auto’s; alles slaat moeiteloos aan. Hij heeft gouden handen.
Hij laat ons ook zijn echte Indian zien. Hij staat daarmee samen met een blote dame in Aktueel; uiteraard laat hij ons die editie zien. Gelukkig is hij niet ontkleed. Er ligt verder ontzettend veel oud ijzer. Ik denk dat hij vuilnisbelten afstroopt of zo.
Daarna vervolgen we de route naar Sedona wat tussen de Red Rocks ligt, een fantastische rit (SR89A). We gaan door Coconino National Forest en komen in Flagstaff aan. Bij de tweede Days Inn, er blijken er drie te zijn, zijn we op het juiste adres. Jan en Marga staan daar al op ons te wachten. André heeft gevraagd om met ons mee te rijden als extra begeleiding. Het is een mooi hotel met goede bediening. Het lijken allemaal mensen van Indiaanse afkomst te zijn.
In de gift shop van het hotel wat souvenirs gekocht( van Rout66 ).
We hebben verschrikkelijk slecht gegeten in Bun Huggers. Onze hond thuis, Max, kreeg dat nog niet
Alles aangebrand en de patat driedubbel gebakken. Er werken allemaal jonge, morsige jongens; het eten de vuilnisbak in en die jongens ook maar. De hele nacht horen we hele lange vrachttreinen achter ons hotel langsgaan.
dag 6 Flagstaff - Gray Mountain (145 mijl) (do-12-augustus 2004)
Vandaag nemen we uitgebreid de tijd voor de Grand Canyon, vanaf de "South Rim" bekijken we vanuit diverse punten het natuurgeweld. Het Imax-Theater en een helikoptervlucht worden door ons aangeraden. In de avond een perfect verzorgde barbecue aan het zwembad.
Donderdag 12 augustus
Goed ontbeten in de Galaxy Inn. . Vandaag naar de Grand Canyon. Eerst door eindeloze prairies naar een Indiaanse Trading Post. Daar mag ik voor het eerst op de Indian rijden van Riaan, wat een motor zeg, we maken er een foto van bij een indiane tent.
Harry voelt zich niet goed. En Paul gaat op zijn Harley Road King verder terwijl zijn Honda de trailer ingaat. Paul zegt dat De Harley heel goed rijdt. Aan het schakelen met de hiel ben ik al gauw gewend.
In het Imax theater van de Grand Canyon Visitor Center zijn we een film over de Colorado rivier de eerste bewoners Anazasi, en degene de rivier voor het eerst bedwong, de burgeroorlog veteraan Powell. De rivier is veel lager dan voor 1949 door de stuwdammen. Des te groter de prestatie van Powell,
Als we uit het theater komen dreigt er onweer.
We vliegen met een helikopter boven het noordelijke gedeelte van Grand Canyon en krijgen een schitterend uitzicht over dit wereld wonder. Foto’s maken uit de helikopter lukt niet best.
Daarna rijden we vrij snel door de resterende 50 km. Park want de regen en het onweer dreigen het uitzicht vanaf de view points van South Rim zijn ook niet zo geweldig omdat het erg nevelig door de regen is geworden.
Wij maken nog wat foto’s bij Cameron View en Desert View (Altar mountain en andere heilige bergen van de Navajo’s). Helaas kunnen we Navajo Mountain door de nevel niet goed zien.
Regenkleding aan voor die ze bij hebben, ik wordt dus nat, en naar Gray Mountain.
We komen in een zandstorm terecht dus kees was weer snel droog geblazen, er is veel zijwind. We hebben moeite om op onze weghelft te blijven en het zand dat over de weg wordt geblazen komt gewoon mijn helm binnen en soms wil mijn helm van mijn koppie vliegen.
In de storm komen we bij Anazasi (Old People) Inn.
We hebben wegens de storm de BBQ binnen in de Inn. Het lijkt erop dat Anazasi Inn ook een gemeenschapsruimte van de Indianen is. De Inn wordt in ieder geval door Indianen gerund.
dag 7 Gray Mountain - Page (95/250 mijl) (vrij-13-augustus 2004)
Door de Painted Dessert naar Page, beroemd vanwege het prachtige Lake Powell met zijn vele watersportmogelijkheden. Wie meer wil rijden, kan Monument Valley bezoeken, bekend van de vele films en reportages.
Vrijdag 13 augustus
Goed ontbeten. Naast ons zit een oudere Indiaan met lange manen met wat vrachtwagen chauffeurs te ontbijten.
Via het nieuws horen we dat het gisteren in Flagstaff gigantisch heeft gehageld en geregend (14 cm. water), waarschijnlijk de bui die we zagen toen we bij de Grand Canyon waren. Dat zijn we dus gelukkig mis gelopen.
Harry gaat weer zelf rijden. Eerst rijden we 100 km. Een tamelijk eentonig stuk, gedeeltelijk een deel van de route van gisteren (FH89 dan FH 160).
Dan komen we bij Four Corners en Monument Valley aan.
We eten in een restaurant dat uitzicht biedt over Monument Valley.
We worden in 2 open pick-ups met dak erboven door 2 Navajo’s door de Valley gereden. We hebben ook een poosje met ze staan praten over de bouw van hutten en hoe de Navajo’s zich verscholen op de Tables en buttes toen ze werden vervolgd en dat de kleihutten met cedars worden gebouwd die op de tables moeten hebben gegroeid. Als
we in een hut komen blijkt die inderdaad relatief koel te zijn. De ingang is altijd naar Noordkant. Navajo: de naam die werd gegeven door de Spanjaarden.
Ze noemen zichzelf Dênêh.
Dan een lang stuk naar Page. We tanken in Kayenta waar de motoren worden bewonderd door de daar spelende Indiaanse kinderen. We zien schitterende rotsformaties die worden belicht door de laagstaande zon die door de nevelige avond schijnt. Het dreigt te gaan regenen maar het blijft droog. We gaan in een tamelijk deftig restaurant eten. Het is er goed bezet. Geen van van de meisjes wil onze rumoerige groep bedienen; ik zie dat ze erover ruziën. Uiteindelijk komt er iemand. Die zal het kortste houtje wel hebben getrokken. Het duurt heel lang voor we ons eten krijgen. Het smaakt overigens wel goed. We zijn pas om 23.15 klaar.
dag 8 Page - Hurricane (185 mijl) (Z0-14-augustus 2004)
De Colorado River over, langs Marble Canyon naar het bekende Zion National Park. Een prachtige rit door dit schitterende park brengt ons in Hurricane, waar we van een feestelijke selfmade barbecue kunnen genieten
Zaterdag 14 augustus
Het ontbijt bij Quality Inn is goed.
We rijden via Kabab National Forest naar Jacob Lake een centrum voor bikers. Leuke giftshop.
Het is hier frisjes want we zitten op 7000 feet. Mooie dennenbossen. We komen over Navajo Bridge. Hij ligt over een kloof van 450 feet, wat je niet in kunt schatten als je in de diepte naar de Colorado kijkt die een stroompje lijkt maar wel meer dan 30 meter breed is. Het hert dat beneden staat lijkt wel een konijntje.
We stoppen op aangeven van Danny bij Moqui Cave, een natuurlijke grot die ook, daar zijn de rots tekeningen het bewijs van, 1200 jaar geleden door Indianen bewoond zijn geweest. In de jaren 1952 was er een bar gevestigd; nu is het een museum gewijd aan ertsen en gesteenten. Die verzameling is wel door die bar eigenaar/kunstenaar gestart.
Dan langs Marble Canyon door naar Zion National Park in Utah. In Utah er alles veel netter, rijker uit. In Zion zijn de rots formaties weer heel anders steiler. We zijn om ongeveer 15.00 in Hurricane. Hoewel het hiet een uur later is spreken we af de horloges op Pacific Time te laten staan.
Het is schitterend weer en sommigen duiken het zwembad in daarna gaan we BBQ-en op de binnenplaats van het hotel. Het vlees en de salades zijn lekker. Peter braadt het vlees en daar is ‘hij behoorlijk goed in.
’s-Avonds met Jos Luuk en René en Paul gewandeld.
Jos zoekt weer tevergeefs naar een stel nieuwe schoenen of laarzen. (De eerste dag al is hij uit zijn motorrijlaarzen gebarsten en die worden nu met tape bij elkaar gehouden.) Geen Tv gekeken, door blikseminslag zit heel Hurricane zonder kabel.
Het verbaas je dat je gewoon in een supermarkt een pistol 9mm kan kopen en bier drinken in het openbaar strafbaar is
dag 9 Hurricane - Las Vegas (165 mijl) (ma-15-augustus 2004)
Vandaag naar het Walhalla van entertainment: Las Vegas, een stad waar je minstens één keer geweest moet zijn. Hotels waar hele dorpen inpassen, spectaculaire shows en attracties, architectonische hoogstandjes waar kosten nog moeite gespaard zijn. Kortom superlatieven schieten te kort om deze "gekte" te beschrijven.
Zondag 15 augustus
Een goed ontbijt bij JB’s
Peter en Jan willen om 12.00 in Las Vegas zijn. We beginnen met een stuk snelweg. Gelukkig kan Danny Peter ervan overtuigen dat we gekomen zijn om meer van Amerika te zien dan alleen maar snelweg. We gaan daarom door Maope Valley langs Lake Mead. Als we bij Echo Bay aangekomen zijn blijven we daar tot 13.00. In de verte komt een hevig onweer aanzetten grote bliksem stralen schieten steeds naar beneden tegen een schitterende zwarte lucht. We kunnen de bui voor blijven. Af en toe wat spetters. Ik raak zonder benzine maar er zijn geen stations, maar de volgwagen heeft er wel benzine,
maar niet voor 20 motors. Ze rijden zelfs tevergeefs naar een haventje aan Lake Mead, maar de pomp is gesloten.
Als we de bergen uitkomen, ligt Vegas voor ons.
Op Paul zijn teller staat dat er 160 mijl op tankinhoud is gereden en enkelen komen op hun reserve in Las Vegas-noord aan. Het onweer blijft gelukkig boven de bergen hangen. We moeten lang naar de parkeergarage van het Four Queens Hotel zoeken.
Als we er uiteindelijk zijn willen de bewakers ons er niet inlaten en is er geharrewar met een automobilist die er persé eerst in wil. Ik geloof zelfs dat er agent bij stond. De voorbijgangers vinden het wel mooi en blijven staan, trouwens er wordt veel naar zo’n
grote groep motorrijders gekeken en veel gezwaaid en getoeterd vooral door vrachtwagenchauffeurs.
(Afstand vandaag 190 mijl, anders dan in beschrijving)
We hebben een kamer op de 10e verdieping. Er zijn er 19. Beneden is het casino.
Eindelijk Las Vegas. Eindeloze rijen gokkasten. Je kunt er ook Vipers of Corvettes mee winnen. MGM spant de kroon, er staat een podium met een meisjesgroepje en leeuwentemmers in een glazen kooi tussen. Ik schat, 500 meter gokkast in de lengte van de zaal. Het gaat de hele nacht door hoewel ik toegeef dat de volgende ochtend bij ons hotel op weg naar de Paradise Buffet, er maar 1 blackjack tafel en een handvol gokkasten bezet is; met omaatjes: een lange adem of vroeg opgestaan.
’s-Avonds gaan Paul en ik met de Margreet & Ad Wisse en Joke & Willem Schrijver op stap. We eten eerst in het Paradise Dinner. Voor één bedrag zoveel eten als je opkunt. Hier mag je geen zakken eten de zaal mee uitnemen staat op een groot bord vermeld.
Naast ons zit een oude Chinees zich vol te vreten aan kreeft. Het grootste type bord systematisch volgestapeld. Ik snap niet dat het er niet afvalt. Later opnieuw ook met vis. Weer zo’n 30 cm. hoog. Met twee taxi’s laten we ons bij Ceasar’s Palace afzetten.
We zien daar de fontein die in Ocean Eleven te zien is. Er is een schitterend licht en watershow. We lopen De Strip naar het noorden af. Het is één grote kermis.
Autoverkopers die Hummers, Corvettes en dergelijke proberen te slijten. Allochtonen die plaatjes van escortgirls in je handen stoppen, O?-bars, grote ventilatoren die water over straat blazen. Muzikanten tussen straatbarretjes. Achtbanen boven de straat. Zalen met shows; toevallig treedt op dat moment Tom Jones in het Hollywood theater op, Engelbert
Humperdinck is er die dag ook en natuurlijk Céline Dion in haar eigen theater.
En casino’s met heel veel kamers er boven zodat de gasten hun geld binnen de deuren van hun hotel kunnen vergokken. Ceasar’s in Romeinse stijl, Venice Italiaans Parijs Frans, maar de laatste is superkitsch.
Als we aan het eind zijn nemen we de Monorail naar het zuidelijkste puntje. We kunnen alles nog eens vanaf de achterkant uit de hoogte bekijken. In de Monorail probeer IK
Paul aan één van 3 oude negerinnen te slijten. Ze geloven absoluut niet dat we motorrijders zijn en denken dat we hen ertussen willen nemen; zeggen dus verder niets meer. Vanaf het Sahara Hotel nemen we de taxi terug.
Bij Freemont Street waar de Four Queens zich bevindt, kijken we nog naar de lichtshow op de binnenkant van het dak van de promenade. Een goede show van licht en geluid met de zee als thema: dolfijnen, haaien en roggen dansen en zwemmen over het dak. Vijf shows op een avond met steeds een ander thema á raison van $ 20.000 per keer. Het casino zit propvol, maar wij gaan naar bed: morgen om 8 uur vertrekken.
dag 10 Las Vegas - Lone Pine (235 mijl) (ma-16-augustus 2004)
Vertrek voor de rit door het beruchte Death Valley, officieel de warmste plek op aarde. Adembenemende stilte, donker gekleurde rotsen en eindeloze vlaktes. Overnachten doen we vlak naast Jake’s Saloon, een prachtige westernbar met echte cowboys.
Maandag 16 augustus
Om 07.00 zitten we in het Paradise Buffet. Ze hebben heel veel keus,
's morgens hoor ik dat er ook wat naar de Tablebar dance zijn geweest, heb ik weer wat gemist. Dat hoor ik van Werner maar die zie er uit of die zijn bed niet heeft gezien, kijkt ook in de gloudwings of er nog zakken chips zijn en drink ook nog een liter water weg .
Op weg naar Death Valley, diepste en heetste punt van de U.S., merken we dat het helemaal niet heet is. Zijn we er dan zo aan gewend of is er iets anders aan de hand? De weg naar Badwater is afgesloten, maar daar hoefden we gelukkig niet naar toe. We zijn al in Death Valley en zien dat de wegen nat zijn. Het is wel opletten want op sommige plaatsen ligt er aarde en zand over de weg. Stukken berm zijn weggespoeld. Als we de weg naar het diepste punt in willen slaan blijkt de weg afgezet, flooded. Voor het eerst in 63 jaar blijkt het er weer eens goed geregend te hebben. Volgens The Inyo Register hebben gisteren 2 mensen zich hier dood gereden door het noodweer.
De weg is op 4 plaatsen weggespoeld. En op het moment dat we er staan zijn hulptroepen de gestrande mensen in het gebied via andere routes er uit aan het leiden. Peter vertelt dat we nu om Death Valley heen moeten om in Lone Pine te komen.
Een omweg van ongeveer 60 mijl. (klein stukje op de kaart )
We rijden eerst in de lengte door Death Valley heen, het spettert af en toe zelfs nog wat. Dan buiten om naar het noorden en dan weer terug zuidwest. Nevada is heel leeg en woest er groeit niks. We komen langs Area 51 waar de geheime opslagplaats van het leger is. Verlaten dorpjes en dichte casino’s. Waarom hebben mensen ooit geprobeerd in deze woestenij iets op te bouwen? Peter jakkert maar voort, bang denk ik om in het donker te moeten tijden. Sommige stukken moet ik 150 a 160 rijden om de groep weer in te halen. Ik denk dat er een uur of wat 130 wordt gereden.
Eindelijk komen we bij de Sierra Nevada. We rijden op een schitterende weg tussen mountain ranges. De ondergaande zon laat het linker bergmassief heel mooi oplichten. De velden naast de weg staan vol met lavendel en het ruikt er heerlijk naar in de avondlucht. Ze zoeken het verder maar uit en ik besluit me aan de snelheid te gaan houden en van de omgeving te gaan genieten. Jan probeert me sneller te laten rijden, jammer dan. Ik weet waar ik naar toe moet. Ik kom er wel; een beetje scheuren kan ik in Holland ook.
Bij Big Pine stop ik om op de kaart te kijken. Jammer zit in de koffer in de volgwagen. Bij het laatste tankstation heb ik op de teller gekeken en ik zou er nu bijna moeten zijn, alleen op het bordje staat Lone Pine 40 mijl. Jan die toch is achtergebleven stopt.
Inderdaad het is verder dan ze hadden gezegd. Het laatste uur rijden we in het donker. Jan die weg kent, rijdt het grootste deel voorop. Gelukkig is het een rechte weg, maar het tempo ligt toch vrij hoog.
Als we om 21.00 bij de Days Inn aankomen zijn de kamers al verdeeld en zal Peter ons trakteren op Pizza bij Jake’s Saloon, een echte Western Bar. Hij heeft om mijn dieet gedacht en heeft een Ceasar’s Salad voor mij gehaald. Het is daar heel gezellig, ik pool een partijtje met Riaan. We maken het niet laat want iedereen is behoorlijk uitgewoond na deze dag.
Helaas waren we te laat. Normaal regelt de reisleiding een paar ‘echte’ cowboys om in de bar een gevecht te laten beginnen vertelt Danny. Je kunt niet alles hebben. (Afstand 290 mijl)
dag 11 Lone Pine - Fresno (270 mijl) (di-17-augustus 2004)
Via Bishop door het Yosemite National park, de ruim 3.000 m hoge Tioga Pass over. Je waant je in de Alpen, alleen valt op, dat er hier op die hoogte nog bomen staan. Het is een indrukwekkende bergrit, met prachtig natuurschoon en meren (ingeval de pas wegens sneeuw gesloten is, wordt de route aangepast).
Dinsdag 17 augustus
Als we wakker worden zien we dat we in leuk Western dorpje zijn. Leuke gevels van winkels en mooie bergen op de achtergrond. Dit is Inyo territory.
Lone Pine is een plaatsje waar veel Westerns zijn opgenomen vooral met John Wayne.
In het Mt White Restaurant hebben ze heel wat gesigneerde foto’s van oude filmhelden die bij tier griend Kadi hebben gegeten. Terwijl Paul en ik een heerlijk ontbijt zitten weg te werken zit achter ons een serveerster aan twee oudere mannen te vertellen dat ze niet uit dit dorp weg kan omdat ze twee kinderen en geen scholing heeft, haar moeder niet voor die twee wil zorgen en er in dit gat ook geen scholing mogelijk is. Ze wil make-up artist worden. Of je zo in een Amerikaanse soap stapt. De serveerster, een Inyo denk ik, fleurt helemaal op als er wat met haar geflirt wordt. Ze merkt wel direct op dat Werner een ring draagt. Is ze serieus dan?
We gaan een groot stuk terug door de mountain pass van gisteren. Je kunt zien dat er sneeuw tussen de toppen ligt. Op een bepaald moment vliegt er een arend boven ons.
We gaan verder omhoog naar Yosemite National Park.
Onderweg stoppen we in Bishop en lunchen bij Erick Schat’s Bakkerij. Hij is van Nederlands oorsprong en verkoopt Nederlands brood, bijvoorbeeld Volkoren en Sheepherder. Hij is met een Indiaanse getrouwd en ik geloof dat zijn zoon Paul er nu de scepter zwaait.
Bij de 12 mijl naar de ingang van het park wordt het is fris, we zijn gestegen naar 10,000 feet en de sneeuw ligt op gelijke hoogte met ons. Dit is weer heel anders beekjes en meertjes en harde rots, graniet zo te zien. Ook heel veel eekhoorntjes.
De laatste 30 mijl door het park zijn prachtig allemaal bochten, hele strakke. Bij het tankstation bij de uitgang wordt Paul bijna overreden door een van die lui die zonder uit te kijken achteruit rijdt.
Gelukkig loopt Paul zijn motor nog en rijdt hij er toeterend achter vandaan.
Dan nog zo’n 40/50 mijl naar Fresno, volgens Peter.
Het is, denk ik, 90 mijl geworden, op de kaart is het maar 3/4 cm. Ik denk dat hij hemelsbreed meet of zo.
Eerst krijgen we 50 mijl wegen met fantastische bochten heel wat scherpe erbij dus goed op letten. Voor het eerst weet ik de bochten te maken zoals het hoor en kan de mannen voor in de ploeg bijhouden
De weg voert ons het dal in: bergen worden heuvels, heuvels worden velden. Dit is een fruitteelt gebied, Citrus zo te zien. Het is hier weer heet. We komen tegen het donker bij een duur uitziend hotel, Radisson. We eten in het hotel en gaan direct naar bed. Ook dit was weer een lange dag. (Afstand 285 mijl)
dag 12 Fresno - Porterville (155 mijl) (wo-18-augustus 2004)
Een korte rit tot het Sequoia National Park, beroemd om de gelijknamige woudreuzen die er staan. We nemen ruimschoots de tijd om de Giant Forest en andere speciale plekken, zoals de Sherman Tree, te bekijken. Na eindeloze bochten dalen wij af naar Porterville, waar wij zullen overnachten.
Woensdag 18 augustus
Vanuit Fresno rijden we langs fruitteelt bedrijven, perziken en olijven. De boeren slijten ook hun fruit in stalletjes langs de weg. Het lijkt de polder wel. Al het gras en planten wel erg geel. Waarschijnlijk in het voorjaar is het groen, mooi denk ik, met die glooiende heuvels op de achtergrond. We tanken bij Squaw Valley (winterspelen ’60).
De vermoeiende dagen beginnen hun tol te eisen bij het tanken valt Luuk op zijn motor in slaap.
We komen bij Sequoia and King’s Canyon aan. Granieten rotsen en schitterende vergezichten. Heerlijke weg om motor te rijden.
Veel bochten, de haarspeldbochten zijn heel scherp. Harry krijgt zijn persoonlijke Kodakmomentje want hij remt te hard in een haarspeldbocht en gaat onderuit.
René die er kort achter zit kan hem niet ontwijken en gaat ook onderuit.
Alleen Harry’s elleboog is geschaafd en een forse deuk in zijn zelfbeeld.
Hierna is hij een dag of wat opmerkelijk stil. Marion kijkt in de afgrond en durft niet verder. Ze gaat deze dag verder in de volgauto.
Ik en Riaan zien onderweg een berin met kleintje en slagen erin een foto van hen te nemen.
En omdat ik beter ben gaan rijden maar toch nog te lang rem, wordt die zo heet dat die niet meer remt. Ik zet de motor aan de kant en na een uurtje denk ik genoten van het uitzicht doet de rem weer en ga ik verder
Door het voorgaande moeten we vrij lang in Sequoia village blijven. Het is hier heet 40° en droog. In de krant daar lees Paul dat de weg door het park voor een deel was afgesloten wegens bosbrand. De timing was vandaag dus goed, anders hadden we weer een lange omweg moeten maken en hadden we dit National Forest niet kunnen bewonderen. De Sequoia’s waren trouwens buiten gevaar gebleven.
Harry kodak kom nog later en wil nog eten, maar hij heeft niet op tijd gepind dus geef ik hem wat dollars en kan hij met zijn zoon gaan eten. Wij rijden veder.
We komen om 16.00 in Porterville aan en hangen ongeveer een uur bij het zwembad
omdat we op de rest moeten wachten
We zitten op een soort industrie terrein. Peter stelt voor om een stukje verder langs de weg te BBQ-en bij een drietal negers. Ik vind het niet vertrouwd, het is de hele dag heet geweest en de koeling van het stalletje waar het vlees wordt bewaard lijkt me onvoldoende maar dan gaat Peter vlees kopen en dat bakken ze, dit kan in Nederland niet . Er lopen eigenlijk alleen maar armoedige Mexicanen. De Pick-ups die ze rijden zien er wel goed uit overigens.
’s-Avonds gaan we met zijn allen naar Paul Bunyan’s Bar. De locals hebben er een karaoke avond. Het is wel gezellig maar ik alleen zou er niet komen, de meisje die de bediening doen zijn in de nek getatoeëerd
dag 13 Porterville - Los Angeles (270 mijl) (do-19-augustus 2004)
Via Bakersfield naar het eenzame Frazier Park, minder bekent maar zeer de moeite waard. Via Ventura de beroemde Highway 1 met uitzicht over de Pacific. Nadat we de motoren hebben afgegeven is er in de avond gelegenheid om Rodeo Drive, Sunset BVD., Hollywood etc. te bezichtigen.
Donderdag 19 augustus
Om 07.00 krijgen we een wake-up call. We vertrekken om 08.00 en zullen onderweg ontbijten.
De laatste dag op de motor.
Schitterende huizen tussen de fruitteeltbedrijven. T-shirt weer vandaag.
Via Bakersfield de interstate op, saai rijden en de omgeving is na Bakersfield niet interessant meer. We komen aan op de Sunset boulevard die volgen we cruisend tot aan de Pacific. We stallen de motoren bij Gladstone’s op Malibu Beach en lunchen daar. Op dat terrein is er valetparking. Waarschijnlijk ben je aan je stand verplicht daar gebruik van te maken. Als we daar staan laat iemand zijn Landrover die 20 meter verder staat voor $ 2 ophalen.
Dan laat ons zien waar hij gewoond heeft. We rijden door Santa Monica, via allerlei kleine straatjes en Venice met o.a. Whisky-A-Go-Go waar Jim Morrison zijn carriere begon, naar het Furama Hotel. We brengen de bagage naar de kamers en de motoren naar de loods. Daar ontmoeten we Kelly, Dan’s vrouw. Mijn motor is van de steun afgewaaid bij tankstation en Luuk heeft ook schade, balen.
Peter belooft een license-plate voor David te regelen voor Paul op het verschepingsbedrijf waar hij werkt. Hij zal hem morgen bij de balie van het Furama achterlaten. Terwijl Danny de motoren controleerde is Luuk met de pet rond gegaan en hij houdt een dankwoordje in het Engels. Het wordt door Peter, Danny en Luuk zichtbaar zeer gewaardeerd. Totaal blijken we 2560 mijl te hebben gereden.
‘s-Avonds eten we in een duur hotel bij een haven (Monterey Bay?) waar volgens de foto’s ook veel beroemde mensen hebben gegeten. Kelly en Peters Poolse vriendin zijn er ook bij. Het afrekenen is een zooitje en natuurlijk komt de ober te kort.
Ik gooi er nog maar weer $5 bij terwijl ik zeker weet dat voor onze tafel alles was afgerekend. We praten nog wat na met Danny en Kelly. Dan voelt zich verplicht om ons de volgende dag LA te laten zien terwijl hij weet dat woensdagochtend 20 motoren klaar moet hebben voor Route 66. André doet het ook altijd zegt hij en Peter is er morgen niet.
dag 14 Los Angeles (vrij-20-augustus 2004)
We genieten van een relaxte vrije dag, maken een uitstapje naar de Universal Studios, Disneyland, shoppen in Santa Monica, luieren aan het strand of slenteren langs Venice Beach.
Vrijdag 20 augustus
Om 09.00 haalt Dan ons op.
We gaan eerst naar Alvero Street, het oudste gedeelte van LA wat al bestond voordat het Amerikaans werd. De Mexicaanse sfeer is voelbaar. Alles is daar Mexicaans. Ik bezoek het Sepulveda House dat in Victoriaanse stijl gebouwd is. Sna Sepulveda is één van de Mexicaanse rijken die lukte de overstap naar Amerikaanse overheersing goed te doorstaan, ze gebruikte haar geld om dit huis te bouwen en een winkel te beginnen. Binnen praat ik met de conservatrice. Ze komt uit Mexico en vertelt me dat het in Mexico City en Tejero met bakken uit de hemel komt en dat de straten blank staan.
Op de markt wil Jules een rijdbare tas kopen en we worden bij de van verwacht.
Ik besluit voor hem af te dingen Lucy valt voor mijn charmes en doet er 10% af. Jules blij en wij op tijd bij de van.
Dan Hollywood Boulevard, The Walk Of Fame. Er lopen veel look-alikes rond die met toeristen op de foto willen voor $1. Ik poseer met Mae West een goede keus!
De Harley van David Bowie staat er geparkeerd om voorbijgangers te verlokken lootjes te kopen voor BADD. Luuk en Paul kopen er allebei 5, 12 Maart 2005 zullen ze het weten. Hij wordt franco thuisbezorgd wordt ons beloofd.
Dan is ooit toevallig bij een landhuis in oude stijl terecht gekomen dat een fenomenaal uitzicht over LA geeft. Graystone Mansion (genoemd naar de bijzondere flagstones die er liggen) is fantastisch, mooie terrassen bieden vanuit de heuvels van Beverly Hills een panoramisch uitzicht over de stad. Binnen is er mooi houtsnijwerk. Het blijkt openbaar bezit en vandaag is er een school die gebruik maakt van het park en zwembad. Ooit heeft de Dohimi familie, die rijk was geworden door olie, het laten bouwen.
Onderweg laat Dan ons de mindere wijken zien, hij doet de deuren op slot als een of andere gek onze van benaderd. Dat kun je zo wie zo beter doen in deze wijk zegt hij. Blanken kunnen hier beter maar niet komen. Het blijkt ook dat zijn oudste broer gang-member is en in de gevangenis zit waar we langs rijden.
Luuk, Jos, Wim en Paul zullen langs het strand van Santa Monica Beach naar Venice Beach lopen. We rijden langs het strand en zien de tafereeltjes die je altijd op TV ziet flanerende mensen, roller-skatende jongen mensen en zelfs rolschaats dansende oudere mannen. De palmen staan te wuiven op een opmerkelijk schoon strand. De huizen en appartementen komen tot aan het strand. Vooral in Venice allemaal standjes aan het strand kant en voor het eerst Bar met een terras buiten. On the Waterfront en de Side Walk Café.
We gaan nog een keer met de pet voor Danny rond omdat hij steeds de dure parkeergelden moest betalen en ons LA heeft laten zien.
Als we bij het hotel komen ligt er een stapel nummerplaten maar ook een motorhoes en een muffler voor Paul
We drinken nog wat in de bar en nemen afscheid van degenen die in Amerika blijven. We vinden allemaal dat we een geweldige groep hebben getroffen en zelfs Jules past er op zijn eigen manier bij. We gaan al snel naar boven om de koffers in te pakken en vroeg te gaan slapen. We moeten morgen om 04.00 op.
dag 15 Los Angeles – Amsterdam (zat-21-augustus 2004)
Vroeg in de ochtend vervoer per hotelshuttle naar de luchthaven voor uw vlucht naar Amsterdam..
04.30 met het busje naar LAX. Een aantal mensen kan er niet meer bij een Koreaanse o.i.d barst in tranen uit. Vier van ons moeten ook op het volgende busje wachten.
De vlucht naar Washington gaat vlot. Gelukkig hoeven we daar niet door de douane.
In het vliegtuig naar Amsterdam ook weer de Day After Tomorrow ik begin nu te denken dat deze film een voorteken was van wat ons te wachten stond: een heatwave in Calexico kan, maar een zandstorm in Gray Mountain en hoosbuien in Death Valley?
dag 16 Aankomst te Amsterdam (zon-22-augustus 2004)
We gaan bij de Arrivals hal uit elkaar. Er wordt al gesproken van een gezamenlijke toertocht of reünie, we zien het wel.
Ons pa wacht mij op in de aankomsthal
We zijn opmerkelijk snel thuis voor mijn gevoel. Blijkbaar ben ik gewend aan de eindeloze wegen in het zuidwesten van Amerika waar ik een fantastische vakantie heb beleefd.
Tot slot:
Typische uitdrukkingen van deze groep:
sloebers
varkens
kadavers
lik mijn bolle reet
Jules unlimited
hit ‘m up, move ‘m out
Typisch Amerikaans:
Sunny side up / over easy
Well done / medium / rare
Hash brown
Refill
Turn out / bump / soft shoulders / no trespassing / xing ped
Fine: rijden onder invloed $4500